Op welke wijze helpt bewegen bij leren? - kopie

Kennisartikel

Voldoende bewegen is essentieel voor een gezond leven. Naast de voordelen voor onze lichamelijke gezondheid heeft bewegen ook effect op ons brein. Waaronder ook onze leervaardigheden. Dit is voor onze statushouders erg interessant is: zij moeten immers een nieuwe taal en cultuur leren kennen.

In dit kennisartikel leggen we uit wat bekend is over het effect van bewegen op leren.

Wat weten we vanuit onderzoek?

Er is tot op heden nog niet veel onderzoek gedaan naar het effect van bewegen op leesvaardigheden bij volwassenen. We weten inmiddels wel veel over de effecten van bewegen op leren bij kinderen.

  • Kinderen die meer bewegen, presteren vaak beter (Tomporowski, Davis, Miller & Naglieri, 2008).
  • Kinderen die tussen het leren door kort bewegen houden iets makkelijker hun aandacht bij het leren (Howie et al. 2014; Grieco et al. 2016 en de Greeff et al. 2017).
  • Kinderen die meerdere weken regelmatig bewegen een beetje makkelijker hun aandacht bij het leren houden en een beetje makkelijker wisselen van taken (de Greeff et al. 2017).
  • Kinderen die meerdere weken regelmatig moeilijke bewegingen maken makkelijker dingen onthouden, wisselen van taken, verstorende signalen (geluiden, beelden) negeren en makkelijker plannen (de Greeff et al. 2017).
  • Bewegen verbeterd bij ouderen taken waar planning, ordening, coördinatie, remming en werkgeheugen van belang zijn (Churchill et al. 2002).

Hoe kan dat dan?

Mogelijke verklaringen voor de positieve relatie tussen fysieke activiteit en prestaties zijn op korte termijn betere aandacht en concentratie. Wellicht komt dat door de positieve invloed van bewegen op hogere cognitieve functies, zogenaamde executieve functies. Deze functies maken het mogelijk dat iemand doelgericht bezig is. En dat bijvoorbeeld afleidende prikkels worden onderdrukt/genegeerd. Op langere termijn een betere doorbloeding van de hersenen, de aanmaak van nieuwe zenuwcellen en het ontstaan van meer verbindingen tussen de zenuwcellen.

Wat doet bewegen met de hersenwerking volgens onderzoek

Fysieke activiteit en vooral uithoudingsvermogenstraining zorgt voor een grotere aanmaak van nieuwe neuronen (zenuwcellen) en het aanleren van (zeker uitdagende) vaardigheden zorgt dat deze nieuwe neuronen blijven bestaan (Curlik et al 2013). Dat betekent dat een combinatie van oefeningen waar je moe van wordt (je uithoudingsvermogen traint) met het aanleren van vaardigheden helpt om deze vaardigheden sneller te leren en deze vaardigheden langer te beheersen.

Fysieke activiteit stimuleert neuroplasticiteit (de flexibiliteit van de zenuwen) en daarmee vergroot het iemands mogelijkheid om met ander gedrag op nieuwe eisen te reageren. Nieuw onderzoek laat zien dat een gecombineerde fysieke en cognitieve training tot een vergroting van beide (fysieke en cognitieve) effecten leidt. Daarbij is het belangrijk om de verhoogde cardiovasculaire activiteit vast te houden om de neuro-cognitieve effecten te behouden (Hötting et al 2013). Dat betekent dat een combinatie van oefeningen voor je lichaam en voor je brein, de effecten op zowel je lichaam als je brein vergroot.

Fysieke activiteit verhoogt de doorbloeding van de hersenen, dit komt doordat door beweging je hart harder gaat pompen, waardoor je hart meer bloed naar de hersenen pompt en de vaten in je hersenen wijder worden (om meer bloed door te laten). Daardoor krijgen de hersenen voeding en zuurstof. De toegenomen doorbloeding werd onder andere aangetoond door onderzoek van Hillman et al 2005.

Om iets nieuws te leren, heb je letterlijk een nieuwe verbinding (weg) nodig tussen hersencellen. Hoe vaker/intensiever je dit nieuwe stukje weg gebruikt hoe ‘steviger’ de weg wordt. Waardoor je het ook minder snel kwijt raakt.

Hoe wij bewegen toepassen bij het leren voor statushouders

In onze programma’s combineren wij bewegend leren met cognitief uitdagend bewegen in een programma dat meerdere weken duurt en waarin deelnemers actief worden uitgedaagd steeds nieuwe doelen te stellen en worden gestimuleerd om ook na het programma te blijven bewegen. Dat betekent dat alle voordelen van bewegen op leren in ons programma zitten!

Enkel voorbeelden van onze coaches

1. Welke beweging doe je? De coach een commando en de deelnemers roepen hetzelfde woord als ze het commando opvolgen. Bijvoorbeeld: lopen, springen, bukken of stoppen. Dit kan ook met: links, rechts, achteruit of vooruit.

2. Welk deel van je lijf beweeg je? In de kring spieren rekken en benoemen van lichaamsdelen. Of met een bal overspelen en kleine zinnen oefenen: Ik gooi de bal naar …, ik vang de bal van …., ik schop de bal naar…., etc.

3. Quiz/spel over de Nederlandse maatschappij en/of gezonde leefstijl. Bijvoorbeeld een renspel waarbij de deelnemers (meerkeuze)vragen beantwoorden over de Nederlandse maatschappij/gezonde leefstijl. Vragen als; welk seizoen past bij deze foto, hoe heet de koning van Nederland, haring bevat veel gezonde vetten. Of een estafette met briefjes met voedingsmiddelen in het juiste vak plaatsen van de schijf van 5, bijvoorbeeld melk, boterham, etc.

Bewegen Werkt coach Linda: “De mooiste herinnering heb ik aan de vormen waarbij deelnemers letters/woorden lopen, doorgeven, klimmen (in wandrek) en daarbij de letters schrijven of uitbeelden (het woord TOP was favoriet ha, ha). Daarin spelen ook vaardigheden als samenwerken en sociabiliteit een grote rol. De sfeer en plezier die dit opleverde was enorm stimulerend voor het leren. De taal wordt beleefd, doorleefd en dat verbindt..”

Wil je meer weten over de effecten van bewegen op leren?

Op 23 maart 2021 organiseerden wij het online event Sportief Inburgeren. Tijdens dit event vertelde Marck de Greeff over zijn onderzoek. Je kan zijn presentatie terugkijken.